Overslaan naar inhoud

Welke encoder heb ik? Zo kunt u een encoder identificeren

Is het typenummer onleesbaar, ontbreekt de datasheet of weet u niet welk type encoder op uw machine is gemonteerd? Met duidelijke foto’s van het typeplaatje, de behuizing, montage en aansluiting kunnen we vaak bepalen om welk soort encoder het gaat.

Daarna controleren we welke mechanische, elektrische en functionele gegevens nodig zijn om een passende vervangingsoplossing te beoordelen.

Laat uw encoder controleren

Een onbekende encoder herkennen

Bij oudere machines ontbreekt regelmatig de originele documentatie. Ook kan het typeplaatje beschadigd, vervuild of gedeeltelijk onleesbaar zijn. Alleen naar de vorm of afmetingen van de encoder kijken is dan niet voldoende.

Twee encoders kunnen uiterlijk vrijwel gelijk zijn, maar toch verschillen in:

  • voedingsspanning;

  • aantal pulsen of resolutie;

  • uitgangssignalen;

  • communicatie-interface;

  • pinbezetting;

  • draairichting;

  • nauwkeurigheid;

  • maximale snelheid;

  • singleturn- of multiturnwerking;

  • mechanische bevestiging.

Voor een betrouwbare identificatie verzamelen we daarom zoveel mogelijk informatie over de encoder én de toepassing waarin deze wordt gebruikt.

Direct contact

Wilt u eerst overleggen welke foto’s of gegevens nodig zijn?

Email direct

Welk soort encoder heeft u?

De eerste stap is bepalen tot welke hoofdgroep de encoder behoort.

Roterende encoder

Een roterende encoder meet de draaiing, positie of snelheid van een as. Deze encoders worden onder andere toegepast op motoren, transportrollen, machineassen, lieren en aandrijvingen.

Een roterende encoder kan een uitgaande as, blinde holle as of doorgaande holle as hebben.

Meetwielencoder 

Een meetwielencoder meet de lengte of snelheid van bewegend materiaal. Het meetwiel loopt bijvoorbeeld over kabel, folie, plaatmateriaal, textiel, papier of een transportband.

Naast de encoder zijn ook de meetwieldiameter, wielomtrek, contactdruk, slip en slijtage belangrijk.

Veiligheidsencoder

Een veiligheidsencoder wordt gebruikt wanneer positie, snelheid of draairichting onderdeel is van een veiligheidsfunctie. Deze encoders worden bijvoorbeeld toegepast bij liften, hijssystemen, persen, machineassen en veilige snelheidsbewaking.

Bij identificatie en vervanging moeten onder andere de certificering, SIL- of PL-klasse, signaaluitvoering, mechanische montage en compatibiliteit met de veiligheidsbesturing worden gecontroleerd.

Lineaire encoder

Een lineaire encoder meet een rechtlijnige verplaatsing. Dit kan bijvoorbeeld gebeuren langs een machineas, geleiding, cilinder of positioneersysteem.

Lineaire encoders worden onder andere toegepast in CNC-machines, meetmachines, persen, slijpmachines en geautomatiseerde productiesystemen.

Trekkoordencoder vervangen

Een trekkoordencoder meet een lineaire verplaatsing met een uittrekbare meetkabel. De kabel wordt aan het bewegende onderdeel bevestigd en rolt tijdens de beweging in en uit.

Belangrijke eigenschappen zijn onder andere het meetbereik, de uittreksnelheid, trekkracht, kabelrichting en het uitgangssignaal.

Motorfeedbackencoder

Een motorfeedbackencoder is gemonteerd in of direct op een servo- of aandrijfmotor. Deze encoder levert positie-, snelheids- en soms commutatiegegevens aan de drive.

Motorfeedbackencoders kunnen fabrikant- of motorspecifieke interfaces, geheugeninformatie en afstellingen bevatten. Vervanging moet daarom altijd in combinatie met de motor en drive worden beoordeeld.

Is de encoder incrementeel of absoluut?


Bij roterende en lineaire encoders is het belangrijk om te bepalen of de encoder incrementeel of absoluut werkt.

Kenmerken van een incrementele encoder

Een incrementele encoder produceert pulsen tijdens de beweging. De aangesloten besturing telt deze pulsen om snelheid, richting of positie te bepalen.

De encoder is waarschijnlijk incrementeel wanneer op het typeplaatje of in de documentatie aanduidingen staan zoals:

  • PPR;

  • CPR;

  • impulsen per omwenteling;

  • A, B en Z;

  • A+, A-, B+, B-, Z+ en Z-;

  • HTL;

  • TTL;

  • push-pull;

  • line driver;

  • index of referentiepuls.

Bij veel incrementele systemen moet de machine na spanningsverlies opnieuw een referentiepunt zoeken.

Kenmerken van een absolute encoder

Een absolute encoder geeft voor iedere positie een unieke positiewaarde. Daardoor kan de besturing de werkelijke positie vaak direct na het inschakelen uitlezen.

De encoder is waarschijnlijk absoluut wanneer u aanduidingen ziet zoals:

  • resolutie in bits;

  • singleturn;

  • multiturn;

  • SSI;

  • BiSS;

  • CANopen;

  • PROFINET;

  • EtherCAT;

  • EtherNet/IP;

  • SAE J1939;

  • analoge positie-uitgang;

  • absolute position.

Een absolute encoder kan singleturn of multiturn zijn. Bij multiturn wordt naast de positie binnen één omwenteling ook het aantal omwentelingen bijgehouden. 

Zo leest u het typeplaatje van een encoder


Het typeplaatje bevat meestal de belangrijkste informatie voor identificatie. Maak bij voorkeur een scherpe foto recht van voren, met voldoende licht en zonder reflectie.

Controleer of de volgende gegevens zichtbaar zijn:

1. Fabrikant

De naam of het logo van de oorspronkelijke fabrikant.

2. Compleet typenummer

Neem alle letters, cijfers, punten, streepjes en schuine strepen over. Eén afwijkend teken kan een andere elektrische of mechanische uitvoering betekenen.

3. Serienummer

Het serienummer kan helpen bij het opvragen van oorspronkelijke productiegegevens, maar is meestal niet hetzelfde als het bestelnummer.

4. Voedingsspanning

Voorbeelden:

  • 5 VDC;

  • 8–30 VDC;

  • 10–30 VDC;

  • 24 VDC.

De vervanger moet geschikt zijn voor de aanwezige voeding en de aangesloten besturing.

5. Resolutie

Bij incrementele encoders wordt de resolutie vaak uitgedrukt in pulsen per omwenteling. Bij absolute encoders wordt deze meestal in bits of posities per omwenteling aangegeven.

6. Uitgangssignaal of interface

Voorbeelden zijn HTL, TTL, push-pull, line driver, SSI, BiSS, CANopen, PROFINET, EtherCAT of een analoog signaal.

7. Aansluiting

De encoder kan een vaste kabel, connector, kabelwartel, klemmenaansluiting of losse connectorbehuizing hebben.

8. Beschermingsklasse

Bijvoorbeeld IP54, IP65, IP67 of IP69K. Een vervanger moet geschikt zijn voor de omstandigheden rondom de machine.

9. Draairichting of codering

Sommige encoders vermelden CW, CCW, clockwise, counterclockwise, binary of Gray.

10. Certificeringen

Bijvoorbeeld CE, UL, ATEX, SIL of PL. Bij veiligheids- en explosieveilige toepassingen mag een standaardencoder niet zonder verdere beoordeling worden toegepast.

Typ het volledige typenummer ook handmatig over. Op foto’s zijn de letters I, L en O soms moeilijk te onderscheiden van de cijfers 1 en 0.



Veelvoorkomende aanduidingen op encoders


AanduidingMogelijke betekenis
PPRPulsen per omwenteling
CPRCounts of cycles per revolution
A en BTwee verschoven incrementele signalen
Z, N of RIndex- of referentiepuls
A-, B- en Z-Geïnverteerde differentiële signalen
HTLUitgang met hoger spanningsniveau, vaak bij 10–30 VDC
TTLUitgang met 5 V-logica
Push-pullActief schakelende uitgang
Line driverDifferentiële uitgang, vaak RS-422
STSingleturn
MTMultiturn
SSISynchrone seriële interface
BiSSDigitale seriële encoderinterface
CWClockwise, met de klok mee
CCWCounterclockwise, tegen de klok in
IP65Beschermd tegen stof en waterstralen
IP67Beschermd tegen stof en tijdelijke onderdompeling

Let op: fabrikanten gebruiken termen zoals PPR, CPR, cycles en counts niet altijd op dezelfde manier. Een waarde kan afhankelijk van de telmethode anders worden geïnterpreteerd. Controleer daarom altijd de datasheet en de verwerking in de besturing. 



De aansluiting van een encoder herkennen


De connector of kabel geeft belangrijke aanwijzingen, maar een gelijk uitziende aansluiting betekent niet automatisch dat de pinbezetting hetzelfde is.

Veelvoorkomende aansluitingen zijn:

  • vaste kabel;

  • M12-connector;

  • M23-connector;

  • rechthoekige connector;

  • ronde industriële connector;

  • kabelwartel met losse aders;

  • klemmenstrook;

  • printconnector;

  • connector in de achterkap.

Maak bij voorkeur foto’s van:

  • de aansluiting op de encoder;

  • de stekker aan de kabelzijde;

  • zichtbare pinnummers;

  • draad- en aderkleuren;

  • eventuele labels op de kabel;

  • het aansluitschema in de schakelkast;

  • de PLC-, drive- of telleringang.

Sluit een onbekende encoder nooit uitsluitend op basis van draadkleur aan. Draadkleuren en pinbezettingen verschillen per fabrikant en uitvoering. Een verkeerde aansluiting kan de encoder of besturing beschadigen.



Mechanische uitvoering van de encoder bepalen


Voor een passende vervanger moeten de mechanische eigenschappen worden gecontroleerd.

Meet of fotografeer indien mogelijk:

  • diameter van de behuizing;

  • flensdiameter;

  • soort flens;

  • diameter van de uitgaande as;

  • lengte van de as;

  • vlakke kant of spiebaan;

  • positie en maatvoering van montagegaten;

  • diameter van de holle as;

  • blinde of doorgaande holle as;

  • soort klemming;

  • koppelsteun;

  • richting van kabel of connector;

  • beschikbare montageruimte;

  • gebruikte koppeling of adapter.

Een afwijking in de montage kan soms met een koppeling, adapterflens of montagebeugel worden opgelost. Daarbij moeten uitlijning, toegestane asbelasting en maximale snelheid wel worden gecontroleerd.



Welke elektrische gegevens zijn nodig?


Voor een goede identificatie zijn onder andere de volgende elektrische gegevens belangrijk:

Voedingsspanning

Een 5 V-encoder kan niet zonder meer op een voeding van 24 V worden aangesloten. Controleer ook of de uitgangssignalen hetzelfde spanningsniveau gebruiken als de aangesloten besturing.

Uitgangsschakeling

Bij incrementele encoders kan sprake zijn van:

  • NPN;

  • PNP;

  • push-pull;

  • open collector;

  • HTL;

  • TTL;

  • RS-422 line driver;

  • sin/cos-signalen.

Aantal kanalen

Een encoder kan alleen kanaal A hebben, A en B, of A, B en een indexkanaal. Bij differentiële signalen zijn daarnaast de geïnverteerde kanalen aanwezig.

Resolutie

De resolutie bepaalt hoeveel pulsen of posities per omwenteling beschikbaar zijn. Een hogere resolutie is niet automatisch een geschikte vervanging.

Maximale uitgangsfrequentie

Bij hoge toerentallen en een groot aantal pulsen kan de maximale schakelfrequentie van encoder of besturing worden overschreden.

Interface

Bij absolute encoders moet de communicatie-interface door de besturing of drive worden ondersteund. Alleen dezelfde connector of hetzelfde aantal aders is niet voldoende.

Pinbezetting

De volledige pinbezetting moet worden gecontroleerd voordat een nieuwe encoder wordt aangesloten.



Wat als het typeplaatje ontbreekt?


Ook zonder typeplaatje kunnen we vaak een eerste inventarisatie uitvoeren. De combinatie van bouwvorm, aansluiting, toepassing en aangesloten besturing geeft regelmatig voldoende aanwijzingen om het mogelijke encodertype verder te bepalen.

Maak indien mogelijk foto’s van:

  1. de encoder volledig gemonteerd;

  2. de voorzijde en achterzijde;

  3. de uitgaande of holle as;

  4. de flens en montagegaten;

  5. de koppelsteun;

  6. de connector;

  7. de kabel en zichtbare aders;

  8. de montagepositie in de machine;

  9. de aangesloten PLC, drive of teller;

  10. eventuele foutmeldingen;

  11. de machinefabrikant en het machinetype;

  12. oude verpakkingen, stuklijsten of schema’s.

Ook informatie over de functie van de encoder helpt. Vermeld bijvoorbeeld of deze wordt gebruikt voor:

  • positiebepaling;

  • snelheidsmeting;

  • lengtemeting;

  • motorfeedback;

  • asfeedback;

  • toerentalbewaking;

  • synchronisatie;

  • positionering van een machineonderdeel.



Kan een onbekende encoder één-op-één worden vervangen?


Niet iedere encoder kan direct en zonder aanpassing worden vervangen. We beoordelen daarom verschillende compatibiliteitsonderdelen afzonderlijk.

EigenschapBeoordeling bij vervanging
Behuizing en flensMoeten mechanisch passen of aangepast kunnen worden
As of holle asDiameter, lengte en bevestiging moeten kloppen
VoedingsspanningMoet compatibel zijn met encoder en besturing
UitgangssignaalMoet door de besturing worden ondersteund
ResolutieMoet passen bij de machinefunctie en verwerking
InterfaceMoet compatibel zijn met PLC, teller of drive
ConnectorKan soms met een aangepaste kabel worden opgelost
PinbezettingMoet altijd correct worden gecontroleerd
DraairichtingMoet overeenkomen of instelbaar zijn
NauwkeurigheidMoet voldoende zijn voor de toepassing
Maximale snelheidMag niet worden overschreden
IP-klasseMoet passen bij de omgeving
CertificeringMoet behouden blijven wanneer deze vereist is

Het resultaat kan zijn:

  • direct vervangbaar;

  • vervangbaar na parametrering;

  • vervangbaar met aangepaste kabel;

  • vervangbaar met mechanische adapter;

  • geschikt na aanvullende technische controle;

  • niet geschikt als vervanger.



Veelgemaakte fouten bij het identificeren van een encoder


Alleen de afmetingen vergelijken

Een mechanisch passende encoder kan elektrisch of functioneel ongeschikt zijn.

PPR en CPR als dezelfde waarde behandelen

De exacte betekenis kan per fabrikant en documentatie verschillen.

Aannemen dat dezelfde connector dezelfde pinbezetting heeft

De vorm van de connector zegt niets met zekerheid over de elektrische aansluiting.

HTL en TTL verwisselen

Deze signalen werken met verschillende spanningsniveaus en ingangscircuits.

Een hogere resolutie automatisch als beter beschouwen

Een hogere resolutie kan leiden tot een te hoge uitgangsfrequentie of een verkeerde verwerking in de besturing.

Singleturn en multiturn verwisselen

Een singleturnencoder geeft alleen de positie binnen één omwenteling. Een multiturnencoder houdt ook het aantal omwentelingen bij.

Alleen de encoder controleren

Een storing kan ook ontstaan door de voeding, kabel, connector, afscherming, koppeling, montage of aangesloten besturing.

Een motorfeedbackencoder als standaardencoder behandelen

Motorfeedback kan gekoppeld zijn aan specifieke motorgegevens, commutatie en drive-instellingen.



Is de encoder werkelijk defect?


Een ontbrekend of onrustig encodersignaal betekent niet automatisch dat de encoder zelf defect is.

Controleer indien mogelijk ook:

  • voedingsspanning onder belasting;

  • kabelbreuk;

  • beschadigde connectorpinnen;

  • losse contacten;

  • vocht in connector of behuizing;

  • afscherming en aarding;

  • elektrische storingen;

  • mechanische koppeling;

  • verkeerde uitlijning;

  • radiale of axiale belasting;

  • vervuiling;

  • ingang van PLC, drive of teller;

  • parametrering van de besturing.

Wanneer een encoder herhaaldelijk defect raakt, kan een robuustere uitvoering, hogere beschermingsklasse, andere lagerconstructie of aangepaste montage nodig zijn.



Van identificatie naar een passende vervanger


Wanneer voldoende gegevens beschikbaar zijn, vergelijken we onder andere:

Mechanische eigenschappen

  • bouwvorm;

  • flens;

  • as of holle as;

  • montage;

  • koppeling;

  • draairichting;

  • beschikbare ruimte;

  • lagerbelasting.

Elektrische eigenschappen

  • voeding;

  • stroomverbruik;

  • uitgangsschakeling;

  • signaalniveau;

  • connector;

  • kabel;

  • pinbezetting.

Functionele eigenschappen

  • resolutie;

  • aantal kanalen;

  • indexsignaal;

  • nauwkeurigheid;

  • maximale snelheid;

  • singleturn- en multiturnbereik;

  • communicatie-interface;

  • parametrering.

Omgevingscondities

  • temperatuur;

  • vocht;

  • stof;

  • reiniging;

  • schokken;

  • trillingen;

  • chemische belasting;

  • beschermingsklasse.

U ontvangt vervolgens een voorstel met het mogelijke alternatief, de belangrijkste technische verschillen, eventuele benodigde aanpassingen, prijs en verwachte levertijd.



Welke foto’s kunt u het beste meesturen?


Voor een snelle beoordeling ontvangen we bij voorkeur:

  • één scherpe foto van het typeplaatje;

  • één overzichtsfoto van de encoder;

  • één foto van de as of holle as;

  • één foto van de montage en flens;

  • één foto van de connector of kabel;

  • één foto van de montagepositie in de machine;

  • indien beschikbaar een foto van de aansluiting in de schakelkast.

Gebruik voldoende licht en zorg dat typenummers, pinnummers en opschriften leesbaar zijn. Maak liever meerdere scherpe detailfoto’s dan één foto van grote afstand.


Technische beoordeling en levering via Indusen


Encodervervangen.nl is een gespecialiseerde aanvraagdienst van Indusen | Motion & Sensing. Indusen ondersteunt machinebouwers, technische diensten en industriële eindgebruikers bij de selectie, integratie en vervanging van encoders.

Een eventuele vervangingsoplossing wordt aangeboden vanuit het bestaande leveringsprogramma van Indusen. Hierbij worden niet alleen het merk en typenummer vergeleken, maar ook de mechanische montage, elektrische aansluiting, signalen, interface en toepassing.

Veelgestelde vragen over encoderidentificatie

Niet altijd. Een foto kan voldoende zijn om het merk, de productfamilie of de mechanische uitvoering te herkennen. Voor een definitieve identificatie zijn vaak aanvullende elektrische gegevens, een aansluitschema of informatie over de machine nodig.

Stuur meerdere foto’s vanuit verschillende hoeken en typ de nog leesbare tekens handmatig over. Ook een gedeeltelijk typenummer kan in combinatie met de bouwvorm en aansluiting bruikbaar zijn.

Regelmatig wel, maar alleen wanneer de relevante mechanische, elektrische en functionele gegevens voldoende zeker kunnen worden vastgesteld.

Nee. Ook voeding, uitgangssignalen, resolutie, interface, aansluiting, snelheid en nauwkeurigheid moeten worden gecontroleerd.

Ja, we kunnen een eerste beoordeling uitvoeren. De uiteindelijke vervanging hangt af van de motor, drive, interface, commutatie en eventuele fabrikantgebonden gegevens.

U ontvangt doorgaans binnen één werkdag een eerste reactie. Bij oude, aangepaste of machinespecifieke uitvoeringen kan aanvullend technisch onderzoek nodig zijn.

Laat uw encoder identificeren

Heeft u een onbekende encoder, ontbreekt de datasheet of is het typeplaatje onleesbaar? Stuur ons de beschikbare foto’s en informatie.

Wij beoordelen:

  • om welk soort encoder het waarschijnlijk gaat;

  • welke technische gegevens al bekend zijn;

  • welke gegevens nog ontbreken;

  • of een passende vervangingsoplossing kan worden gezocht.

Upload mijn encoder